Fabula Lignarius

Month: December, 2012

Prepping

In case you haven’t noticed today is the end of all times according to many good souls. The maya calendar may end today but the most pessimistic conclusion I can draw is that there is only more of the same coming. Anyway I asked myself what I would love to do on judgment day. I couldn’t come up with anything better, more relaxing and entertaining then doing some good old Japanese carpentry drawing while listening to Bob Dylan’s ‘The Times are a-Changing’. It proves to be a perfect combination since I am making good progress in preparing the upcoming workshop on Japanese roof geometry in Germany next month, you can read more about here.

It is more then just mere drawing and writing, preparing this workshop has proven a good exercise for myself as well. Reiteration is the best recipe for soaking those brain cells with these most important concepts. It now seems easy to draw all those lines on a piece of wood compared to distilling the essence of the Japanese carpentry layout method in a compact and understandable course. At least I am having fun and we still have to see wether we are all going to make it through today, who knows..

In the Japanese layout method we use the basic roof angle in a ratio of x to 10, very similar to many other traditions. At the moment I am working with a roof pitch with a run of 10 and a rise of 4.8. Why wouldn’t I use 4 or 5 in 10? The first reason is to prove that it is just as easy as anything else and the second reason is that it requires a little more attention from the students and I really like to stimulate concentration in any way I can.

Here are some sneak peaks of the drawings I made. These days I draft on the computer since it is very convenient and I need to train myself in becoming faster and more efficient with it so the more I do the better.

hip section

For obvious reasons I am not going to give away too much although I am planning to offer some information about the subject on this blog. One of my teachers, a remarkable craftsman, Ryosei Kaneko taught me most of the things I know regarding carpentry layout. I have learned from other sources as well but he’s training was indispensable to where I am now.

When we where working onsite he would explain me things at night and make some quick sketches and drawings or give me little exercises to practice. One of the most valuable exercises was drawing all the necessary triangles, derived from the basic roof pitch, to develop the angles needed to layout and cut the joints. Here is a simple example of what we would do.

sketches

Not much use if you don’t already know what you are looking at.

He also taught me a very cool way of drawing all these triangles in certain ways so you can develop origami models with them. For me this was the trick to remember all the different triangles and to understand where exactly they can be found in the roof. My brain is very visually oriented and when I see things it becomes easy to remember.

Since I am preparing this upcoming workshop I am remaking some of these models but also other ones which I am inventing as I go. I will not take credit for them since I am sure some otaku carpenter in Japan has pushed this origami concept much further then I ever will and they are all still based on what was taught me by my teachers.

Famous Fruit model

I am not planning on putting this whole course online but the paper models I would like to share. I hope to make these available in the future to anyone interested in them. It will be just a .pdf which you can print, cut and fold. Leave me a comment if you are interested in the origami.

If you are a carpenter it is a marvelous way to spend cold winter nights and train your visualization skills. And as always it is just your own imagination that will limited the possibilities of what you can do with paper.

Oh yes, I did forgot to mention that I am writing in English again. I am sorry for all the Dutch readers out there if I disappoint them but lately the interest in this blog seems to become more international and this way it is more accessible to a broader public. I hope for your understanding.

Advertisements

Project B³

De afgelopen weken hebben we eindelijk het project van de schuur kunnen voltooien, althans voorlopig toch. Vermits ik op maandag ook nog lesgeef moest ik spijtig genoeg de eerste dag missen maar mijn collega’s konden het werk goed de baas en trokken het onderste gedeelte van de structuur vlotjes recht ondanks het slechte weer.

De weergoden waren ons niet echt goed gezind, ze bezorgden ons afwisselend regen, een beetje sneeuw en hagel en temperaturen rond het vriespunt. Niettemin slaagden we erin om alles volgens plan af te werken.

raising

Af en toe kwam de zon er toch nog even door wat het werk eens zo aangenaam maakt.

frame

Ondanks het koude weer zijn katoenen tabi nog altijd mijn geliefkoosde schoeisel om op een dak te werken en vlotjes over de balken te wandelen.

tabi

De kinderbalken en kepers zijn Douglas Fir en worden op hun plaats gehouden met 180mm lange kepernagels. Daar hebben we veel plezier aan gehad om deze erin te timmeren. Een goed gebalanceerde hamer helpt hier wel.

rafters

De klant is erg gesteld op natuurlijke bouwmaterialen en ze koos ervoor om enkel hennep isolatie te gebruiken. Het is een zaligheid om dit te gebruiken en niet met irritante rotswol of andere synthetische producten te moeten werken.

hemp insulation

De afwerking zal nog even op zich laten wachten zoals het lemen van de muren, de vloer op de eerste veerdieping en het schrijnwerk zoals de ramen, een trap en de poort. Voorlopig kunnen we met een gerust hart de kerstperiode vieren en tevreden zijn met onze prestatie. Allemaal onder de deskundige leiding van mijn collega Ante Corthals.

frame by night

De komende weken zal ik vooral besteden aan enkele persoonlijke projecten en het voorbereiden van de workshop die in aantocht is.

Proportionele Curve

Dit is eigenlijk ook een artikel in de serie ‘Project B’, maar vermits het over een welbepaald aspect van geometrie en uitslag methoden zal gaan heb ik het een duidelijke en afzonderlijke titel gegeven. In het vorige artikel verwees ik al naar de ‘hoofdstijl’ van de schuur en dat we hier iets speciaals mee zouden doen. Ik heb eigenlijk geen idee of er voor dit element een juist Nederlands synoniem bestaat dus zal ik er verder naar verwijzen in de Japanse benaming namelijk daikoku bashira. Vrij vertaald kan je dit omschrijven als de ‘heilige centrale stijl’.

Zoals jullie nu al wel weten gaat mijn interesse in houtbewerking vooral uit naar de traditioneel Japanse traditie dus natuurlijkerwijs relateer ik veel van het schrijnwerk dat ik verwezenlijk naar deze traditie.

Het is dan ook niet verwonderlijk dat ik mijn inspiratie vond bij wat mij bekend is. Zoals wel vaker gebeurd nemen mijn ideeën een concrete vorm aan als ik net voor het slapen in gedachten verzink en nadenk over hoe ik een project wil realiseren. In dit geval dus hoe we deze centrale stijl vorm kunnen geven. Aangezien deze een prominente plek in het gebouw inneemt wilde iedereen uit ons team deze stijl wel afwerken en hadden we er allemaal onze eigen visie over hoe hij er uit zou kunnen zien. Ik was dan ook erg tevreden toen Ante, die dit project leidt, mij het vertrouwen gaf om de vorm te mogen bepalen.

De Robinia stam liep in zijn natuurlijke vorm al taps toe naar boven en we wilden hem zo groot mogelijk houden en dus zo weinig mogelijk materiaal verwijderen. Mijn oorspronkelijk idee was om hem rond te maken en af te werken met de yariganna, een speerschaaf en de voorloper van de gewone blokschaaf. We lieten dit idee algauw achterwege vermits het veel te tijdrovend zou zijn en we ons de luxe van tijd niet konden veroorloven.

Toen ik alle gegevens optelde had ik een bepaald idee van wat ik met de vorm van de stam wilde doen. Hij moest vierkant blijven en versmallen naar de bovenkant. Ik herinnerde me de zuilen van het Centraal Station in Antwerpen die ik tijdens mijn jeugd vaak geschetst had tijdens de lessen waarnemingstekenen. De gracieuze en gebalanceerde vorm die ze uitstralen is me altijd bijgebleven en deze balans was exact wat ik voor ogen had voor de stijl van de schuur.

De zuilen die men hier ziet kan men in de Toscaanse orde indelen. Men vindt trouwens ook voorbeelden van de Ionische en Dorische orde terug in het station. Het is niet te verwonderen dat men deze in de Eclectische bouwstijl terugvind waarbij typisch verschillende klassieke stijlelementen met elkaar worden gecombineerd. Misschien kunnen we de vakwerkschuur  waaraan we bezig zijn ook wel een beetje als Eclectisch bestempelen vermits daar ook stijlelementen uit verschillende tradities in terug te vinden zijn.

Voor alle duidelijkheid moeten we begrijpen dat de zijden van een zuil meestal niet recht zijn, dit is althans het geval in de klassieke bouwwijzen. De reden is in hoofdzaak esthetisch. Als een zuil naar boven toe verkleint geeft dit een gebalanceerd gevoel en karakter. De afmetingen zijn hiervoor ook zeer belangrijk dat wil zeggen dat er een bepaalde verhoudingen gehanteerd worden voor de diameter tov de hoogte.

De reden voor de diminutie  is niet enkel de zoektocht naar balans maar ook een moedwillig optisch effect. Hoe verder een object van ons verwijderd is hoe kleiner het lijkt. Deze kennis word dan bewust toegepast in de vorm van de zuil. Door deze bovenaan te verkleinen wekt men de indruk dat deze hoger is dan hij lijkt. Maar er is ook een verschil tussen een zuil van 2,5m en een zuil van 7m. De laatste bereikt dit effect al gedeeltelijk door zijn eigen langere lengte dus is het vanzelfsprekend dat de verhouding van de diminutie anders is voor een lange zuil dan voor een korte.

Als we dan nog verder terugkijken zien we dat de zuil in zijn gefabriceerde vorm afstamt van een houten stijl welke op zijn beurt afstamt van de stam van een boom. Ook deze verkleint naar boven toe en deze vorm geeft ons een behaaglijk gevoel. Veel meer dan een zuil welke kaarsrecht opstijgt. Deze voelt kil en statisch zeker als hij enige lengte krijgt.

In mijn geval moest ik me dus twee vragen stellen. Ten eerste, wat is de verhouding van de breedte van de zijden tov de hoogte en ten tweede, Hoe bepaal ik de verticale curve en welke verhoudingen wil ik hierbij toepassen?

Vitruvius, Alberti and Palladio hebben voor de verkleining tov de hoogte verschillende ratio’s bepaald. De verhoudingen van Alberti zijn bijna dezelfde als deze van Vitruvius en waarschijnlijk grotendeels van hem gekopieerd. Palladio daarentegen is nauwkeuriger en geeft voor de hoogteverhouding tussen de onder- en bovenkant een verhouding van 5.5/6.5 aan voor zuilen tot 5m lengte.

Hier botste ik al tegen het eerste probleem vermits de vorm al gedeeltelijk bepaald is door de gegeven afmetingen. De verhouding gebaseerd op de gegeven maten is 8.2/12. Met andere woorden de top is te smal tov de basis of er moet nog meer materiaal verwijderd onderaan. Dat laatste is zeker geen aantrekkelijke optie dus ging ik aan de slag om andere opties te onderzoeken.

De vraag die ik me dan stelde was hoe ik de curve ging bepalen die de zijden van de stijl zouden vormen. Er zijn mij verschillende methodes bekend om een curve geometrisch te bepalen maar vermits ik een stijl nog nooit zo gevormd heb vroeg ik me af welke de meest geschikte methode zou zijn.

Tijdens mijn nachtelijke dwalingen in de uithoeken van mijn brein kwam ik altijd terug op de methode die gebruikt wordt voor het bepalen van de curve van de dakrand in Japanse architectuur. Deze curve vloeit voort uit de onderverdeling van een kwartier van een cirkel waarvan de straal gelijk is aan de lengte die de dakrand omhoog buigt. Er komt veel meer bij kijken maar voor wat we hier onderzoeken volstaat deze omschrijving. Dit is trouwens maar één van de wijzen om deze curve te bepalen, iedere methode heeft een andere uitstraling tot gevolg. Het zijn deze subtiele karaktertrekken die belangrijk zijn in architectuur, iedere lijn of curve brengt een bepaald gevoel met zich mee.

Dit zou dus een goede methode kunnen zijn om de de curve van de stijl te bepalen maar ik wilde toch nog wat verder kijken en opzoeken hoe deze curve in de westerse Klassieke Ordes werd bepaald. Weinig onderzoek later werd ik verrast door wat ik vond. De diminutie of simpelweg verkleining werd, volgens de Cyclopaedia, blijkbaar op gelijkaardige wijze bekomen! Ik had gehoopt bij deze zoektocht nog een nieuwe manier te ontdekken maar in de plaats daarvan kwam ik weeral tot de conclusie dat de wereld kleiner is dan hij soms lijkt. Spijtig genoeg vond ik de bijhorende tekst nog niet terug en kost het me altijd wat tijd en geconcentreerd gestaar om de essentie van de tekening te begrijpen. Het is immers wel duidelijk dat de methode vergelijkbaar is maar de tekening van de doorsnede boven de zuil blijft voorlopig nog een raadsel.

Terug in het atelier begon ik vastberaden het werk voor te bereiden maar onmiddellijk werd me duidelijk dat ik het over een andere boeg zou moeten gooien. De afmetingen waren anders dan wat ik me had voorgesteld en ik zou de verhoudingen moeten aanpassen.

Ik herinnerde me wat mijn leraar me vertelde over de theorie van proporties en zijn praktische toepassingen. “Het is noodzakelijk om te begrijpen waar een vorm of curve vandaan komt en wat het achterliggende idee is, maar theorie is maar wat het is, niets meer en niets minder. Uiteindelijk is het de schrijnwerker die de beslissingen maakt en de vorm moet ‘juist’ aanvoelen.” Dat wil echter niet zeggen dat iedereen een beoogd esthetisch effect kan bekomen door iets te doen wat voor hem ‘juist’ aanvoelt.

Ik gooide mijn oorspronkelijke idee overboord en besloot om simpelweg een lat te buigen en zo de curve te laten samenvallen op vier bepaalde punten met een gegeven verhouding tov elkaar. Een snelle en efficiënte methode die ik gemakkelijk kon repeteren op de vier zijden met dit resultaat als gevolg.

proportional curve

De stijl werd dan afgewerkt met een chona om een mooi patroon te bekomen.

chona finish

Aangewerkt aan de natuurlijke vorm van een steen die we uit de tuin hebben opgegraven.

match the stone