Fabula Lignarius

Month: August, 2012

Smeednagels

Voor het huidige professionele project waaraan ik bezig ben, een Eiken voordeur, had ik in het ontwerp smeednagels voorzien. De klant wilde liefst een rustiek uiterlijk. Ik probeerde uit te leggen dat wat men vandaag vaak verstaat onder ‘rustiek’ niet echt het soort werk is wat ik doe en vertelde hen dat een ambachtelijk vervaardigde deur er met de tijd wel rustiek zou gaan uitzien als deze werd blootgesteld aan weer en wind. Voor een authentiek rustiek uiterlijk heb je simpelweg veel geduld nodig. Artificieel verouderen om tegemoet te komen aan de hedendaagse mode is niet iets wat ik graag doe. Na dit te hebben toegelicht volgde ze mijn gedachtengang en waren ze enthousiast over het ontwerp dat ik voorstelde.

Om het toch een klassiek karakter te geven stelde ik voor om smeednagels te gebruiken als aanvulling op de houtverbindingen voor het bevestigen van de beplanking. Ik ging dus op zoek naar een smid die mij in een relatief korte tijd kon voorzien van handgesmede nagels. In de handel zijn er op verschillende plaatsen smeednagels te verkrijgen maar je ziet duidelijk dat ze machinaal gesmeed zijn in grote oplagen en voldoen niet aan wat ik voor ogen had.

Zo kwam ik terecht bij een smid in Nederland nabij Delft en na enig overleg via email hadden we een akkoord voor een bestelling van 30 gesmede nagels. Wat ik aanvankelijk niet wist is dat de smid, Technicus Joe zoals hij naar zichzelf verwijst, in kwestie een jonge knaap van 18 is die het ambacht autodidactisch heeft geleerd. Ik heb wel kaas gegeten van smeedwerk en had de indruk dat hij wel wist waar hij over sprak en mee bezig was. Ik vond het geweldig dat ik iemand een opdracht kon geven die zo gepassioneerd is door zijn werk als hij. Vooral aan jonge mensen breng ik graag mijn passie over voor alles wat met ambachten te maken heeft en om hem dan een kleine opdracht te kunnen geven gaf me een fijn gevoel.

Tijdens het smeedproces stuurde hij me verschillende foto’s zo hield hij me op de hoogte waar hij mee bezig was en kan ik die zelf bewaren voor mijn persoonlijk archief. Hieronder zie je een foto van het nagelijzer dat hij speciaal voor deze nagels smeedde. Ik had specifiek naar rechthoekige nagels gevraagd omdat dan de kop gemakkelijker te oriënteren is en de nagel de nerf volgt. Ze hebben ook nog een grotere trekkracht en omdat ze relatief kort gingen zijn was dit ook nodig.

Ook had ik gevraagd om de koppen vierkant te maken liefst met een duidelijke hamerslag.

Uiteindelijk zijn ze dan nog afgewerkt met teer om een zwarte oxidelaag te vormen en roest te voorkomen. De zwarte oxidelaag die zo gevormd wordt is altijd een mooie afwerking voor smeedwerk. Ik heb al gesmede klinken gezien die transparant gelakt waren tegen het roesten. Dat kwam heel onnatuurlijk over maar gelukkig kwam een dergelijk afwerkingsniveau bij Joe niet ter sprake, hij houdt net als ik van traditionele methodes die door de eeuwen heen beproefd zijn.

Een paar dagen geleden kreeg ik dan in een leuke verpakking de nagels toegestuurd. Ze zaten in een gerecupereerd doosje van koekjes. Ik wist onmiddellijk wat het was en toen ik ze opende was ik aangenaam verrast. Ze zien er echt geweldig uit en ik had eigenlijk spijt dat ik er niet wat meer had besteld zodat ik ze voor mezelf ook zou kunnen gebruiken. Ze zijn zeer nauwkeurig vervaardigd exact naar de dimensies waar ik om vroeg. De klant zal er in ieder geval erg tevreden mee zijn, ik ben zeker dat ze het zullen appreciëren want ik zal hen wel het hele verhaal doen. Ik kan niet wachten om ze met enkele harde gerichte slagen in de panelen van de deur te slaan. Zij worden zeker de kers op de taart.

Ondertussen heb ik Joe wat beter leren kennen en ik weet dan ook waar ik volgende keer op de deur ga kloppen als ik nog eens smeedwerk nodig heb. Of misschien probeer ik wel zelf om het in een volgend project te integreren, zeker nu ik weet dat ik van prachtig werk voorzien kan worden.

Merci Joe..

Advertisements

Japanse Zaag Doe

Een tijdje terug vroeg het Museum voor Oude Technieken (MOT) mij of het mogelijk was om een workshop ineen te steken omtrent een stuk Japans gereedschap. Zij hebben zelf een prachtige collectie zeer uniek Japans gereedschap en hopen hier de tentoonstelling nog mee aan te vullen in de nabije toekomst.

De workshop die op 8 september plaatsvind is niet enkel bedoeld voor deelnemers met ervaring maar ook voor leken in het vak. Alhoewel het voor houtbewerkers nog steeds een interessante aangelegenheid kan zijn. Gisteren draaide we een proef voor de werknemers zelf, waarvan enkele hobbyist houtbewerkers zijn, ook voor hen bleek het nog een uitdaging.
Even een overzicht.
De workshop gaat enkel over de Japanse trekzaag en meer specifiek over het gebruik van de ryoba en de maebiki. De ryoba is een universele zaag met twee verschillende vertandingen die zowel voor het afkorten als schulpen gebruikt kan worden. Hier wordt het correct gebruik gedemonstreerd en enkele subtiele details uitgelegd waarna men de kans krijgt om ermee te oefenen. Uiteindelijk wordt er dan geprobeerd om een houtverbinding te snijden waar hoofdzakelijk zaagwerk bij komt kijken en deze wordt dan eventueel met een schaaf afgewerkt. De houtverbinding is een schuine las met vier schuine inwendige zijden, het lijkt eenvoudig maar vereist zeer precies zaagwerk om tot een aanvaardbaar resultaat te komen.
De maebiki is een grote zaag om stammen tot planken te verzagen en er staat een opstelling waar deze ook geoefend kan worden. Zo krijgt men idee over hoe arbeidsintensief het vroeger was om stock voor te berieden.

Het MOT heeft ook een mooie collectie houtbewerkers-gereedschap en er zijn verschillende ambachten geïllustreerd waar ik best nog wel wat van kon leren. Enkel het museum is al en bezoek waard.

Hier vindt je de link naar de pagina van het MOT.

Om een plaats te reserveren kan je enkel rechtstreeks met hen contact opnemen. De prijs voor de workshop is 30€.

Vragen zijn uiteraard altijd welkom.

Eindeloze Zoektocht 2

Onze grote groene bebladerde vrienden hebben onze hulp nodig. Ze willen ongetwijfeld een deel van hun oude lichaam aan ons doneren en een beetje dankbaarheid is geen overbodige luxe. Als aanvulling op het vorige artikel kreeg ik van een lezer een anekdote te horen over hoe er voor de restauratie van New College Oxford Eiken balken werden gebruikt van bomen op het domein van het instituut. Deze zouden in het verleden speciaal zijn aangeplant met als doel om bij een eventuele restauratie of uitbreiding van de gebouwen te kunnen worden gebruikt. Een prachtige anekdote die mijn punt perfect illustreerde. Na een beetje onderzoekingswerk kwam ik tot de conclusie dat het bekende verhaal spijtig genoeg werd geromantiseerd. Uit de goed gedocumenteerde archieven blijkt echter dat het land waar het hout voor de restauratie ontgonnen werd pas zestig jaar na het voltooien van de werken werd aangeschaft en we kunnen hier dus niet uit concluderen dat de gebruikte Eik speciaal voor dit doel aangeplant of onderhouden werd. In dit geval hebben de feiten de stelling niet ondersteund maar dat maakt de stelling niet zwakker, integendeel. Er zijn wel degelijk historische voorbeelden bekend van goede praktijk bij bosbouw waarbij bomen gedurende generaties verzorgd worden om ze dan met prachtig resultaat te kunnen verwerken. Dit gebeurde voor tempels, kathedralen, scheepsmasten enzovoort. En al zou men dit nog nooit hebben gedaan dan nog is de tijd gekomen om zulke principes te integreren in ons bosbeheer. Al was het maar om een breder bewustzijn onder de mensen te brengen al de praktische voordelen nog achterwege gelaten.

In Japan is er nog steeds een bloeiende industrie waarbij naaldhout tot prachtige stammen worden opgekweekt die dan gebruikt worden in bijvoorbeeld sukiya-zukuri (theehuis architectuur). Ik wist reeds lang van deze praktijk maar toen ik het met eigen ogen aanschouwde was ik er heel erg door verbaasd. Berghellingen vol perfect recht getrimde stammen met dit als resultaat.

Als timmerman zou je voor minder beginnen kwijlen. Het kan toch niet zo moeilijk zijn om gelijkaardige principes hier ook te hanteren. Als het materiaal beschikbaar is bestaat er tenminste de mogelijkheid om zulks uitzonderlijk materiaal tot even uitzonderlijke bouwwerken te transformeren.

In dit geval werden de stammen waarschijnlijk ingebonden en voorzien van twijgen of takken die door het aanspannen rond de stam een dergelijke vorm creëren. De mogelijkheden zijn eindeloos, enkel onze fantasie beperkt ons in het resultaat. Planning is noodzakelijk, we zijn daar erg goed in maar kiezen we er ook voor om dit te doen in functie van de komende generaties? Ook als we daar dan niet zelf de resultaten kunnen van opstrijken? Het vergt een dosis zelfloosheid, misschien is dat wel de sleutel tot het oplossen van dit vraagstuk.

Rondom het atelier waar ik werkte in de VS stonden er tientallen bomen die op gelijkaardige wijze sinds 32 jaar waren verzorgd. Als je dan de kans krijgt om een dergelijke stam te verwerken, de schors er met de hand af te pellen om zo het cambium zorgvuldig te verwijderen en een feilloos oppervlak bloot te stellen dan worden zelfs de knopen die er in zitten mooi. Je zal het stuk behandelen alsof het je eigen familie is en een verantwoordelijkheid voelen om er iets prachtigs van te maken. Tijdens het bewerken is je concentratie gericht en onverdeeld, fouten laat je niet toe. Dat is een affiniteit die ik met gefineerd plaatmateriaal nooit zal voelen.

De volgende afbeelding is een kort stuk Buxus dat ik vorig jaar in Spanje oogstte in de Montagnes de Prades. Geoogst, gewaterd, de schors zorgvuldig verwijderd en na het insmeren van het kopshout met was zorgvuldig laten drogen terwijl het ingepakt blijft om het proces te vertragen en windscheuren te voorkomen. Ik heb nog steeds geen idee waneer ik het stuk zal gebruiken maar het zal zeker moeten wachten tot het geschikte project. Ik vind de structuur buitengewoon prachtig. Het stuk is een meter lang en 70mm breed, de jaarringen vertellen me dat het 94 jaar tijd nodig had om te groeien. De dag dat ik er iets van maak zal ik me gelukkig maar nederig voelen.

Het zou toch mooi zijn om morgen een collectief jonge vakmensen een klein stuk bos te zien beheren om er over 28 jaar prachtig materiaal uit te oogsten er dan weer nieuwe bomen aan te planten en de volgende generaties te onderwijzen in het beheer van hun rijkdom. Gewoon gezond verstand, toch geen gek idee?

Commentaar is trouwens altijd welkom. Deel je graag je hersenspinsels of heb je zelf stof tot nadenken dan ben je altijd welkom om een bericht achter te laten.

Een Eindeloze Zoektocht

Naar aanleiding van enkele discussies op het Nederlandstalige forum voor houtbewerkers besloot ik om eindelijk mijn ideeën rond het verkrijgen van hout eens op een rijtje te zetten. Ik zal vaak afwijken en verschillende andere aspecten die aan het onderwerp gerelateerd zijn proberen te belichten. Maar vandaag wil ik starten en eens kijken naar het concept van ‘duurzaam’ hout en het blootstellen aan een kritische blik.

Eerst wil ik de aandacht vestigen op de definitie van duurzaam zoals we die kunnen terugvinden op WikiPedia. Beschreven als volgt: “…(het aansluiten) op de behoeften van het heden zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen…”. Dit is een algemene beschrijving maar we zullen ze in dit geval verder bekijken in het licht van houtontginning.

Welke zijn nu de criteria waaraan echt duurzaam hout zou moeten voldoen? Dat wil dus zeggen hoe kunnen we deze grondstoffen blijven gebruiken zonder deze te overexploiteren. We zouden kunnen kijken naar de criteria gesteld door organisaties zoals FSC of gelijkaardige organen maar ik kies ervoor dit niet te doen! De reden is eenvoudig, ondanks het bestaan van dergelijke organisaties zijn we er nog niet in geslaagd om een situatie te creëren die op lange termijn een noemenswaardig positief effect zal hebben op ons globaal bosbestand. In tegendeel, de situatie is er de laatste decennia, ondanks de zogezegde inspanning nog steeds op achteruit gegaan. Dit in combinatie met de dubieuze aard van dergelijke certificering organisaties kan ik enkel concluderen dat de criteria die zij hanteren gebaseerd zijn op holle woorden. De criteria die worden gehanteerd zijn eenvoudig te bekijken op hun website. Maar ja, veel woorden vullen de zak niet.

Voor diegene die zich geroepen voelen om zich dieper in het onderwerp te storten kan ik de site van FSC-watch zeker aanraden. Na deze een tijdje met aandacht te hebben gevolgd durf ik te stellen dat het FSC in functie staat van de houtindustrie en in realiteit eerder de industriële belangen zal vertegenwoordigen dan deze van het oude woud.  Ze slaan er misschien wel in dit mooi te verpakken maar de inefficiëntie van hun organisatie zal hen zelf ook wel niet ontgaan hoop ik. Uiteraard worden er dan ook vraagtekens gesteld bij gelijkaardige duurzaamheid-stemples en staan deze nu ook in een slecht daglicht door toedoen van grote broer. Ik kijk nu sceptisch naar iedere label dat ik aantref en kan er weinig geloof aan hechten. Daarbovenop komt nog dat er vanuit de media maar ook politieke hoek het idee gewekt wordt dat we door de getroffen maatregelen daadwerkelijk vooruitgang boeken terwijl dit niet gefundeerd is. Er is enkel reden tot grote ongerustheid maar we kiezen er blijkbaar zeer bewust voor om onze kop in’t zand te steken.

Een van de problemen die jullie als lezer nu hebben is dat je nooit meer met dezelfde blik naar deze labels kan kijken. Vermits je hebt gekozen om dit artikel te lezen ben je nu bij de groep die ervoor koos met kritische blik op zoek te gaan naar een waar duurzaam alternatief. Waar gaan we beginnen? (Tot hier kan je nog steeds afhaken om jezelf te verzekeren van de standpunten waar je tot vandaag in hebt geloofd.)

Als we kijken naar de defintie die we van Wikipedia hebben overgenomen dan kunnen we deze al in vraag stellen! Namelijk het gedeelte “het aansluiten op de behoeften van het heden”. Dit is volgens mij niet alleen veel te vaag en voor interpretatie vatbaar maar vooral compleet achterhaald. De “behoeften van het heden” zijn inmiddels zo extraordinair gigantisch groot dat we deze niet kunnen verantwoorden door ze te rationaliseren.

Dan hebben we “… zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen…”. Oeps, te laat. Het is moeilijk om er een gefundeerde datum op te plakken maar als we aan dit tempo blijven kappen zullen we snel onder ogen moeten zien dat dit criterium niet echt realistisch is. Ik stel twee criteria voor, hernieuwbaar en lokaal die we op een kritische manier moeten uitdiepen.

Hernieuwbaar moeten we bekijken vanuit een perspectief in relatie tot tijd. Alles is hernieuwbaar als we er maar lang genoeg op wachten, olie is dat ook als we 60 miljoen jaar tijd hebben om op nieuwe olie te wachten. Gelukkig hebben bomen zoveel tijd niet nodig. Hier spreken we eerder over gemiddeld 30 tot enkele duizenden jaren (zoals de Bristlecone Pine). Hiermee bedoel ik niet dat we een drieduizend jaar oude boom kunnen gebruiken om onze eettafel uit te maken. Bomen hebben een ander ritme dat zij, waarschijnlijk bewust, niet hebben aangepast aan het tempo van onze moderne tijd. Misschien heeft het dus wel zin om ervoor te zorgen dat de producten die we vervaardigen uit het geoogste hout minstens de leeftijd zou moeten bereiken die de boom had bij het vellen. Hier komen we later nog op terug. In België bijvoorbeeld hebben we  zeker niet genoeg bomen om de lokale bevolking in al zijn behoeften te voorzien om nog maar te zwijgen over export. Om onze houtconsumptie te handhaven zijn we dus volledig afhankelijk van geïmporteerd hout.

Lokaal betekend in onze onmiddellijke omgeving. Als we dus afhankelijk zijn van ver en duur transport dat op zijn beurt van grote hoeveelheden fossiele brandstof afhankelijk is zitten we ook met een probleem. Lokaal is natuurlijk ook een rekbaar begrip. Gelukkig groeien er geen bomen op de maan anders zouden we binnenkort daar ook wel aan het werk willen. Hoe ver willen we gaan om ons te voorzien van ons geliefd cellulose materiaal?

Als ik deze redenering volg is de conclusie simpel. Ik kan geen enkele boom in mijn omgeving kappen en gebruiken voor materiaal, tenzij hij op sterven na dood is en in mijn achtertuin staat. Dus mogen we dan helemaal geen hout meer gebruiken? Voor een relatief snel herstel van onze planeet is er spijtig genoeg nog veel meer nodig dan dat. We zijn inderdaad op een punt gekomen dat we hier in West-Europa kunnen stellen dat iedere boom die voor leven vatbaar is zou moeten blijven staan. Het mooie zuiden van ons land, de Ardennen, is een schoolvoorbeeld van deze stelling. We moeten niet ver in de geschiedenis graven om te zien hoe erg ons eigen bosbestand is gekrompen. Ge zou voor minder tranen in de ogen krijgen als we beseffen wat er overblijft van een eens zo gigantisch en geweldig woud. Het is al uit het collectief geheugen aan het vervagen dat wij ooit een van de mooiste en grootste oerbossen van West Europa hadden vol met oude Eiken en ander geweldig hout.

Dus geen hout meer gebruiken om de aangroei op ieder vlak te maximaliseren en naar een nieuw evenwicht te groeien. Toch niet echt waar ik op gehoopt had als passioneel en professioneel houtbewerker. Is dat dan het einde van mijn carrière? Aan de basis van het probleem ligt uiteraard de consumptie druk van deze overbevolkte planeet die de draagkracht al geruime tijd overschreed. Moeten we daarom terugvallen op radicale oplossingen zoals deze? Misschien wel, maar daartoe ben ik zelfs niet bereid. Ik wil dus op zoek gaan naar andere oplossingen. Weliswaar iets complexer dan wat we tot hiertoe geprobeerd hebben maar ik beschouw het als goede praktijk om optimistisch te blijven zelfs al besef ik dat we ons waarschijnlijk in een uitzichtloze situatie bevinden en dat de afloop voor onze soort wel eens even duister zou kunnen zijn als een zwart gat.

Het is niet mijn bedoeling om bepaalde criteria aan iemand op te leggen, noch om te zedenpreken over de gekende problematiek. Wat ik wel probeer is om duidelijke vragen te stellen en op zoek te gaan naar betere antwoorden. Het behoeft geen diepe wijsheid om voor jezelf, liefst samen met een kleine sterke gemeenschap, naar betere oplossingen te zoeken. We hebben enkel een gezonde dosis bereidwilligheid nodig. Maar om onszelf van alle illusies te beroven mogen we beseffen dat het niet de weg van de minste weerstand zal zijn. Daarom vond ik het nodig om al deze punten opnieuw aan te halen als inleiding voor wat volgt. De eerlijkheid gebied mij te vertellen dat ikzelf zeker al mijn aandeel heb gehad in de teloorgang van onze oude wouden. Ik gebruik graag het fijnste materiaal dat ik kan vinden en juist dat komt van die bomen die zouden moeten blijven staan. Als ik morgen een meubelproject heb zal ik misschien ook wel Mahonie gebruiken als ik er aan kan geraken. Anderzijds heb ik me deze vragen al lang geleden gesteld en ben ik constant op zoek om er iets mee te doen. In de komende berichten zal ik mijn eigen pogingen nader toelichten en misschien kunnen ze de discussie aanvullen.

Als aanloop naar de volgende berichten over het onderwerp en ter afsluiting zullen we kijken naar het concept ‘hernieuwbaar‘ en of we de mogelijkheid hebben om hier onze verantwoordelijkheid op te nemen. Als een boom hernieuwbaar is moeten we er dus wel degelijk op toezien dat er voor een gevelde boom een wordt aangeplant. Maar dat alleen is niet genoeg, deze boom moet van dezelfde soort zijn en er zou ook op moeten worden toegezien dat hij vrij kan groeien en tot diezelfde leeftijd als de eerder gevelde boom. En dit is in het geval dat deze welbepaalde boom niet door andere omstandigheden getroffen wordt die zijn leven moeilijk of onmogelijk maken. Dat scenario is zeer waarschijnlijk dus hebben we misschien voor iedere gevelde boom er wel twee nieuwe nodig. Nog beter zou het zijn, met het oog op houtproductie, dat zijn ontwikkeling in de gaten wordt gehouden. Door hem regelmatig te snoeien zodat de onderstam uiteindelijk hout van hoge kwaliteit levert door het ontbreken van knoesten. In realiteit zouden we dus over een lange tijdspanne, vele generaties, op onze bomen moeten toezien hoe deze zich ontwikkelen. Het hierboven geschreven scenario doet zich theoretisch wel voor maar is enkel gericht voor productie op korte termijn. Deze principes worden zeker niet toegepast op een schaal dat we in grote hoeveelheden brede planken voorhanden hebben met een fijne nerf zonder kwasten.

Maar ook al zouden we wel kunnen beschikken over hout van uitzonderlijke kwaliteit en in grote kwantiteit wil dat nog niet zeggen dat er enkel producten mee zouden worden gemaakt die de kwaliteit van het materiaal complimenteren. Niet zo lang geleden reisde ik door China en Laos waar ik getuige was van de impact van de houtindustrie. Hier worden nog dagelijks tonnen hout gekapt, oude bomen die uiterst fijn materiaal zouden kunnen opleveren, om verwerkt te worden tot multiplex welke een erg korte gemiddelde leeftijd beschoren is. Ik durf zelfs een groot vraagteken plaatsen bij het gebruik van plaatmateriaal in het algemeen en zie geen enkele reden waarom dit ooit een verantwoorde keuze zou kunnen zijn vanuit een duurzaam standpunt. Het gebruik van plaatmateriaal achterwegen laten met het oog op duurzaamheid zal voor velen een brug te ver zijn maar gezien de uitzichtloze staat van ons globaal bosbeheer zijn dat toch de dingen die we in vraag moeten stellen.

Wat we nodig hebben is een veel verfijnder globaal bosbeheer dat in eerste instantie in functie staat van het bosbestand en onze oude wouden helpt te herstellen op een efficiënte manier. Het grootste struikelblok hier zijn de economische en industriële belangen.

Het is nu echt tijd om van de zeepkist te stappen en eens te kijken wat wij zelf vandaag kunnen doen om ons steentje bij te dragen. Hiermee inspireren we onze omgeving, kinderen en diegene die in contact komen met de voorwerpen die we hebben gemaakt. Tijdens het werk in het atelier herinner ik me iedere dag wat mij werd bijgebracht. Een verantwoordelijkheid voor het hout als materiaal. Soms kies je ervoor om dat mooiste stuk te bewaren voor een geschikt project waar het tot zijn volste recht kan komen. Als houtbewerkers hebben we de verantwoordelijkheid om ons zo goed mogelijk te bekwamen in ons vak want enkel zo kunnen we het mooiste hout het best tot zijn recht laten komen.

Als enkel de helft van het hout dat gekapt werd verwerkt zou worden tot voorwerpen van een kwaliteit die de leeftijd van de boom kan overschrijden zouden we geen nood hebben aan een Zweedse multinational die de halve wereld van interieur voorziet. Als onze lokale gemeenschap ons nauw aan het hart ligt kunnen we goede contacten onderhouden met onze buren. Ongetwijfeld zal er regelmatig hout de kop op steken dat zijn weg naar jouw atelier kan vinden om daar zijn leven te laten verlengen in de vorm van een nederig gebruiksvoorwerp. Niemand houd ons tegen om met onze kleinkinderen een boom te planten in de tuin die zij zelf ooit kunnen gebruiken om zich te voorzien van een ambachtelijk vervaardigd meubel.

Zulke initiatieven lijken in het niets te vervagen bij de huidige problematiek maar ik geloof sterk dat het vooral een verandering is in mentaliteit die aan de basis zal liggen voor een mogelijke oplossing.

Het zaad voor zo’n veranderingen zit in onszelf.

From Englisch to Nederlands

Since I am residing in Belgium at the moment and because I am involved in the local carpentry community I have decided to switch to Dutch for any further entries I will post on this blog. At some point I might change it back to English when I wish to address a broader public. I am sorry if I disappoint any english readers.

Vermits ik weer in België woon op dit moment en omdat ik betrokken ben bij de plaatselijke gemeenschap van houtbewerkers heb ik besloten om verdere berichten op dit blog in het Nederlands te plaatsen.Mogelijk verander ik dit in de toekomst weer naar het Engels als ik een breder publiek wens aan te spreken. Het spijt me als ik hiermee de Engelstalige lezers ontgoochel.